Recente berichten

Pagina's: [1] 2 3 ... 10
1
Coeliakie in de publiciteit en onderzoeken / Dikke wang bij kinderen kan symptoom zijn van coeliakie
« Laatste bericht door tine Gepost op september 19, 2021, 23:15:43  »
Van sommige symptomen verwacht je niet dat ze iets van doen hebben met coeliakie. Parotitis is er zo eentje. Door een ontstoken speekselklier in de wang ontstaat er een bult of zwelling, die doet denken aan de bof, soms aan ťťn kant, soms aan allebei de kanten. Ook is de wang rood en er ontstaat koorts. Is het iets dat herhaaldelijk terugkomt bij een kind, onderzoek dan of er een (auto)immuunziekte speelt als onderliggende ziekte, schrijven Spaanse kinderartsen in een tijdschrift voor vakgenoten. Van 44 kinderen die het ziekenhuis bezochten voor parotitis, hadden er 4 coeliakie. Opvallend: ze hadden stuk voor stuk geen andere klachten, ook al waren hun darmen beschadigd. Ze gingen glutenvrij eten, maar de dikke wang kwam in de eerste periode van het dieet nog regelmatig terug.

An Pediatr (Engl Ed). 2021 Sep 10;S2341-2879(21)00146-0. doi: 10.1016/j.anpede.2020.08.012. Online ahead of print.
Immune disorders associated with juvenile recurrent chronic parotitis
Antonio David Hidalgo-Santos 1, Rubťn Gastůn-Tťllez 1, BegoŮa Ferrer-Lorente 1, Raquel Pina-Pťrez 1, Manuel Oltra-Benavent 2

PMID: 34518129 DOI: 10.1016/j.anpede.2020.08.012

Introduction: Juvenile recurrent chronic parotitis (JRCP) is a rare disease of unknown cause. There is a growing interest in its autoimmune aetiology and its relationship with dysfunctions of cellular and humoral immunity, although there is no agreed protocol for complementary investigations for its study. A consecutive series of cases is presented where the immune alterations and associated autoimmune disorders are investigated, proposing a study algorithm.

Patients and methods: A retrospective study was carried out on patients who had JRCP during the period from 2013 to 2016 and a follow-up of at least 2 years. After its clinical and ultrasound diagnosis, complementary examinations were systematically carried out to investigate infectious, immune, and autoimmune diseases.

Results: Of a total of 36 patients with inclusion criteria, 16 (44%) were found with some analytical alteration of a non-specific immunological nature (positive ANA, high IgG, low complement factor 4), or associated with a specific diagnosis, as occurred in 11 patients: Selective IgA deficiency (2), SjŲgren's syndrome associated or not with systemic lupus erythematosus (3), coeliac disease associated or not with diabetes mellitus (4), Hashimoto's thyroiditis (1), and acquired immunodeficiency syndrome (1).

Conclusion: Juvenile recurrent chronic parotitis can be considered a sentinel sign of other diseases of immunological/autoimmune aetiology for which the diagnosis, monitoring and early treatment can improve its prognosis. Viral infectious aetiology, with the exception of HIV, is not a priority in the study of recurrences.
2
Sinds jaar en dag weten we niet beter dan dat coeliakie een ziekte is van de dunne darm. De slijmvlieslaag van de dunne darm raakt beschadigd door het eten van gluten. En dat is aan te tonen door darmweefsel onder de microscoop te leggen, waarbij de patholoog kan zien dat de darmvlokken korter geworden zijn. Er zijn ook andere typen cellen te vinden die te maken hebben met het ontstekingsproces dat gaande is. Artsen uit India tonen aan dat coeliakie in veel meer onderdelen van het maagdarmstelsel huishoudt: de slokdarm, de maag, de dunne darm en de dikke darm. Niet bij alle coeliakiepatiŽnten in dezelfde mate op alle plekken. Maar toch bij opvallend veel mensen. 45 nieuwe Indische coeliakiepatiŽnten kregen zowel een gastroscopie (onderzoek van slokdarm, maag en dunne darm) als een coloscopie (onderzoek van de dikke darm).  T-cellen (witte bloedcellen) die kenmerkend zijn voor coeliakie en die duiden op een ontstekingsproces werden gevonden bij 10 % van de patiŽnten in de slokdarm, bij 35 % in de maag, en bij 17 % in de dikke darm. Op deze plekken werden ook TTG antistoffen aangetroffen, die normaal gesproken gebruikt worden voor de diagnose van coeliakie, ze zijn ook te vinden in het bloed. Er is maar ťťn conclusie mogelijk, schrijven de coeliakie-experts uit India: coeliakie heeft niet alleen effect op de dunne darm, maar op het gehele maagdarmstelsel, van slokdarm, maag en dunne darm tot en met de dikke darm. 

Dig Dis Sci. 2021 Sep 9. doi: 10.1007/s10620-021-07246-1. Online ahead of print.
Pan-Gastrointestinal Tract Mucosal Pathologies in Patients with Celiac Disease with the Demonstration of IgA Anti-Transglutaminase Mucosal Deposits: A Case-Control Study
Ashish Chauhan 1, Prasenjit Das 2, Alka Singh 1, Rimlee Dutta 2, Madhu Rajeshwari 2, Mahendra Singh Rajput 1, Ashish Agarwal 1, Vikas Banyal 1, Ashish Upadhay 3, Vineet Ahuja 1, Govind Makharia 4

1Department of Gastroenterology and Human Nutrition, All India Institute of Medical Sciences, New Delhi, India.
2Department of Pathology, All India Institute of Medical Sciences, New Delhi, India.
3Department of Biostatistics, All India Institute of Medical Sciences, New Delhi, India.
4Department of Gastroenterology and Human Nutrition, All India Institute of Medical Sciences, New Delhi, India. govindmakharia@gmail.com.

PMID: 34499270 DOI: 10.1007/s10620-021-07246-1


Background: While celiac disease (CeD) is considered to affect primarily the small intestine, pathological changes in other parts of the gastrointestinal tract (GIT) are also known to occur. IgA anti-tissue transglutaminase-2 antibody (anti-TG2 Ab) deposits at the site of involvement is one of the methods to establish CeD-related tissue pathology.

Aims: To explore the utility of IgA anti-TG2 Ab deposits in pan-gastrointestinal mucosal biopsies as evidence of CeD-related pathologies.

Methods: Forty-two treatment-naive patients with CeD and 45 patients with irritable bowel syndrome were included as cases and controls, respectively. Mucosal biopsies were collected from the esophagus, stomach, duodenum, and rectosigmoid regions at baseline from cases and controls, and additionally after 6-months of gluten-free diet in cases. All biopsies were evaluated for histological changes and subjected to dual-color immunohistochemical staining for identifying IgA anti-TG2 Ab deposits.

Results: Significantly higher number of patients with CeD had lymphocytic esophagitis (9.7% vs. 0%, P = 0.05), lymphocytic gastritis (35% vs. 8.8%, P < 0.01) and lymphocytic colitis (17.4% vs. 0%, P < 0.05) than that in controls. IgA anti-TG2 Ab deposits were observed in significantly more numbers in esophagus (30.9% vs. 6%, P < 0.001), stomach (62.2% vs. 9.3%, P < 0.01), duodenum (88.5% vs. 0%, P < 0.001) and rectum (17.4% vs. 0%, P < 0.05) than that in controls. There was a decline, but not statistically significant, in severity of lymphocytosis and intensity of IgA anti-TG2 Ab deposits in follow-up biopsies.

Conclusion: Significantly higher number of patients with CeD had evidence of lymphocytic infiltration and IgA anti-TG2 deposits along GIT suggesting that CeD affects other parts of GIT.
3
Medisch / Re: Toch coeliakie?
« Laatste bericht door tine Gepost op september 01, 2021, 23:01:59  »
Hoi Bloemetjes, ik kan me voorstellen dat je weer wilt opknappen, jammer dat het allemaal niet zo vlot loopt!

Bedenk wel dat je maar 1 kans hebt op een diagnose, en dat is nu je nog gluten eet (op een paar dagen na dan). Als je eenmaal lange tijd glutenvrij bent, is een weg terug naar weer gluten eten voor een diagnose heel moeilijk.

Wel komen er in de toekomst manieren om coeliakie vast te stellen zonder glutenprovocatie. Daar kun je ook op wachten natuurlijk, dat zal nog wel een paar jaar duren.

Het verbaast me niet dat er geen Marsh gradatie wordt genoemd. Hier is een kijkje genomen in het ileum, dat is het laatste stukje van de dunne darm. daar kan een patholoog geen Marsh score aan koppelen. Dat kan alleen als er biopten zijn genomen van het beginstuk (duodenum).

Wat ik je aanraad: nog snel een bloedonderzoek (laten) doen naar coeliakie. Want je hebt nu lange tijd gluten gegeten. Dat kun je zelf doen met een test van Holland & Barrett (Gluten Check) of het Kruidvat (Veroval) bijvoorbeeld. Of het kan via je huisarts. Omdat je nog maar heel kort bent gestopt met gluten. Is die test positief, vraag dan om een darmonderzoek (van de dunne darm). Is de test negatief, dan zou ik verder gaan op de ingeslagen weg als je het allemaal zat bent en een echte diagnose voor jou niet uitmaakt. Niemand houdt je tegen als je glutenvrij wilt eten omdat je je dan beter voelt.

Succes!
4
Medisch / Re: Toch coeliakie?
« Laatste bericht door Bloemetjes Gepost op september 01, 2021, 16:42:47  »
Hallo Eggs And Bacon en Tine,

Dankjewel voor de reactie.
Hieronder zal ik de uitslagen zetten van de patholoog, er wordt niet over een Marsh gradatie gesproken.

Klinische gegevens: Inzending I
ileum
Verkrijgingswijze: biopt
Lokalisatie laesie: ileocoecaalklep
Behandeling: biopsie voor diagnose
Toelichting verwijdering/behandeling: Op de Valvula van Bauhini een op het oog genezend ulceratie, het sijmvlies hier rondom heeft een granulair aspect. IBD/infectiues/bij NSAID'S gebruik
Materiaal ileum

Conclusie: I: slijmvliesbiopten ileocoecaalklep: slijmvliesfragmenten uit de ileocoecale overgang met een gering actieve ontsteking. Geen granulomen. Het beeld is niet specifiek.
II: slijmvliesbiopten colon (at random): fragmenten colonslijmvlies zonder afwijkingen.

Nu is het zo dat ik geen NSAIDíS gebruik.
Overigens bleek dat het bloedverlies niet afkomstig was van de ontsteking maar een inwendige aambei.

Verder kan ik me niet precies herinneren of het bloedonderzoek naar gluten geweest is in de periode dat ik glutenvrij at.
De mdl- arts wil over 6 weken een ontlasting onderzoek doen, niet om Coeliakie uit te sluiten of aan te tonen, maar alleen om te kijken of er dan ontstekingswaarden zijn omdat dit in mijn bloed niet aantoonbaar was.

Vitamine te korten kamp ik al jaren mee, waaronder b12 in het grijze gebied (213), vitamine d schommelt tussen de 30 en de 40 en ferritine schommelt rond de 13.
Omdat de huisarts dit allemaal mee vindt vallen ben ik hiermee zelf maar aan de slag gegaan.

Eigenlijk ben ik het zoeken naar een diagnose zo moe (omdat ik overal tegen een muur lijk op te lopen) dat ik voor mezelf heb besloten dat het maar klaar is en ik ben maandag opnieuw begonnen met een glutenvrij leven.
5
Medisch / Re: Toch coeliakie?
« Laatste bericht door tine Gepost op augustus 31, 2021, 22:58:18  »
Ik kan alleen maar instemmend knikken op de reactie van Eggs and Bacon.

Je arts kan de Europese richtlijnen lezen, die staan hier https://journals.sagepub.com/doi/full/10.1177/2050640619844125

Je kunt dus coeliakie hebben, zelfs als je geen antistoffen aanmaakt.

Of je hebt een andere ziekte die goed reageert op een glutenvrij dieet (zoals Crohn of Colitis, dat zijn ontstekingsziekten van de darmen, of NCGS of een tarwe allergie etc).

Wat je arts kan doen:
1. een ander type antistoffen testen, als dat nog niet gebeurd is. Hij kan anti TTG (tissue transglutaminase) laten meten, maar ook EMA (endomysium antistoffen)
2. je bloed testen of je de genen hebt die horen bij coeliakie, dat zijn HLA-DQ2 en HLA-DQ8 (als je die niet hebt, kun je geen coeliakie hebben)
3. zoals het hoort een gastroscopie doen en biopten nemen (blijf wel gluten eten tot die tijd)
4. vitamines en mineralen meten, misschien zijn er voedingstekorten, verder controle van lever en schildklier

Ik begrijp niet goed hoe iemand via een coloscopie in de dunne darm terechtkomt. Bij coeliakie is vooral de dunne darm vooraan ontstoken, bij het duodenum (twaalfvingerige darm). Dus om te weten of iemand coeliakie heeft, is een gastroscopie nodig, dat gaat via de mond. Ik ken niemand bij wie de diagnose coeliakie via een coloscopie is verlopen.

In de Europese richtlijn voor de diagnose van coeliakie staat nadrukkelijk dat een ontlastingstest geen deel uitmaakt van de diagnose (zie hoofdstuk 2.7). Het kan wel gebruikt worden om calprotectine te meten, maar dat is geen 'bewijs' dat je coeliakie hebt.

Misschien kun je beter naar een arts gaan die meer verstand heeft van coeliakie, of vragen om een second opinion. Hier vind je een lijstje met namen van artsen  https://www.glutenvrij.nl/ziek-van-gluten/diagnose/gespecialiseerde-artsen

Zie ook
https://www.glutenvrij.nl/ziek-van-gluten/diagnose/procedure/hoe-kom-ik-tot-de-juiste-diagnose

Succes!




6
Medisch / Re: Tips omgang mdl arts?
« Laatste bericht door EggsAndBacon Gepost op augustus 31, 2021, 19:37:12  »

Vreemde reactie van die mdl arts. Arrogant ook, een internist vind onderzoek nodig, maar hij/zij weet het blijkbaar beter,
Ik zou teruggaan naar de internist en vragen of die je naar een andere mdl arts kan doorverwijzen. Gezien je symptomen lijkt het me dat er gewoon dunne darm biopten moeten worden afgenomen voor een diagnose.
7
Medisch / Re: Toch coeliakie?
« Laatste bericht door EggsAndBacon Gepost op augustus 31, 2021, 19:30:32  »

Hallo Bloemetjes,

laat ik beginnen met te zeggen dat je je nooit moet laten afschepen met een "diagnose" van PDS. Dat is nl. helemaal geen diagnose, feitelijk betekend het "we zijn dat je last hebt van je darmen maar we weten niet waarom".

Voor de rest is het moeilijk (in medische zin) te zeggen zonder de exacte uitslag van die 4 biopten te weten, en zonder te weten van wanneer die antistoffen test dan was. At je toen alweer gluten, of niet?

Puur praktisch gezien lijkt het me heel duidelijk dat jij niet tegen gluten kan, en dat je beter voelt als je glutenvrij bent. Dus je zou gewoon weer glutenvrij kunnen eten en je weer beter gaan voelen. Maar dan wel volhouden he ;-)
Maar als je het belangrijk vindt om een diagnose te krijgen moet je nog even doorzetten. Vraag wat voor Marsh scale score de dunne darm biopten hadden. Die zijn heel belangrijk. Heb je Marsh 2 of hoger dan heb je zeker wel coeliakie. De bloedtest dioe negatief was zegt niet veel, die is negatief bij rond de 10% van mensen met coeliakie, dus een negatieve test sluit het helemaal niet uit. Vreemde conclusie van de arts.

Dus ik zou nog even doorvragen bij die arts wat de exacte uitslag van je biopten was, en hem/haar er op wijzen dat een negatieve bloedtest coeliakie niet uitsluit.

Succes!

8
Brood gebakken van eenkoorn, een oud tarweras, is toch niet de oplossing voor mensen die glutensensitief zijn. Dat valt af te leiden uit nieuw onderzoek naar 149 Europese tarwerassen, oud en nieuw. Deze rassen werden geteeld in drie Duitse plaatsen. Uit analyse van de oogst bleek dat de aanwezigheid van eiwitten, zowel gluteneiwitten als niet-gluteneiwitten zoals ATIs, sterk wordt beÔnvloed door de bodem waar het gewas groeit, het weer en de bemesting. Zo kan eenkoorn het ene jaar weinig ATIs bevatten, het onderdeel van het graan dat waarschijnlijk klachten uitlokt bij mensen die glutensensitief zijn, en het andere jaar juist veel meer. Ook zijn verschillende soorten ATIs te vinden in het graan, in verschillende concentraties. De aanwezigheid van dergelijke eiwitten wordt beÔnvloed door de plek waar het graan groeit, en door de groeiomstandigheden. Dat zijn factoren die moeilijk in de hand te houden zijn. Hierdoor wordt het moeilijk om een soort tarwe te vinden waar heel weinig ATI eiwitten in zitten.

Het is nog niet bekend welke ATIs klachten uitlokken bij mensen die glutensensitief zijn. Daar moeten we eerst meer over te weten komen, schrijven de plantonderzoekers. In elk geval is het eerdere plan om patiŽnten met NCGS (glutensensitiviteit) brood en pasta voor te schotelen met eenkoorn weinig zinvol, het is een dood spoor. Wat eerst zou moeten gebeuren is uitvinden welke ATIs precies klachten uitlokken bij mensen die glutensensitief zijn; van het rijtje ATIs zijn er misschien ook enkele die geen problemen opleveren. Daarnaast zou de hele tarweketen onder de loep genomen moeten worden, van de teelt (bemesting, gewasbescherming) tot de productie van brood en pasta.

Misschien eten glutensensitieve personen straks zuurdesembrood, omdat gebleken is dat door fermentatie met melkzuurbacteriŽn het aandeel ATIs in brood aanzienlijk afneemt. Ook wordt onderzocht of het mogelijk is het aandeel ATIs te verminderen door de manier waarop het graan wordt gemalen tot meel. En of het toevoegen van bepaalde enzymen die eiwitten in tarwe afbreken voedingsmiddelen geschikter maakt voor mensen die glutensensitief zijn.

Technologisch gezien is er ook nog een uitdaging: er is een snelle methode nodig om te bepalen hoeveel ATIs aanwezig zijn in granen en voedingsmiddelen met tarwe, of hoe sterk deze ATIs ontstekingen veroorzaken bij mensen die glutensensitief zijn. ATIs spelen mogelijk een rol bij de klachten van mensen met het prikkelbare darm syndroom. Ook lijkt het erop dat ze klachten verergeren bij allerlei andere ziektebeelden: de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa (twee ontstekingsziekten van de darmen), leververvetting, voedselallergieŽn, hooikoorts en alzheimer. De komende jaren moet daar meer over bekend worden.

Wat de rol van ATIs in planten is, is nog niet helemaal opgehelderd. Mogelijk beschermen ATIs de tarweplant tegen wolluis en vraat van dieren zoals de snuitkever. Een diertje dat een hapje neemt van een tarweplant, krijgt spijsverteringsproblemen, omdat de vertering van eiwitten in de darmen spaak loopt. Normaal gesproken is het enzym trypsine actief in de darmen om eiwitten te verteren. Maar de werking van dit enzym wordt afgeremd door de consumptie van ATIs, waardoor de darmen niet goed kunnen werken. Mogelijk werkt het niet alleen zo bij dieren, maar ook bij sommige mensen die daar gevoelig voor zijn, of die al een andere ontstekingsziekte hebben. Dat moet nog verder uitgezocht worden, een traject dat jaren in beslag zal nemen.

De onderzoekers melden verder dat het aandeel ATIs in tarwe in de loop van de jaren niet is toegenomen (dat geldt trouwens ook voor gluten; in de tarwe die nu wordt gebruikt zit niet meer gluten dan in het verleden). Ook zien ze geen verschillen tussen het ene of het andere geografische gebied.


Theor Appl Genet. 2021 Jul 10. doi: 10.1007/s00122-021-03906-y. Online ahead of print.
Genetic architecture underlying the expression of eight α-amylase trypsin inhibitors
Khaoula El Hassouni 1, Malte Sielaff 2, Valentina Curella 3, Manjusha Neerukonda 3, Willmar Leiser 1, Tobias WŁrschum 4, Detlef Schuppan 3 5, Stefan Tenzer 2, C Friedrich H Longin 6

PMID: 34245321 DOI: 10.1007/s00122-021-03906-y

Wheat cultivars largely differ in the content and composition of ATI proteins, but heritability was quite low for six out of eight ATIs. The genetic architecture of ATI proteins is built up of few major and numerous small effect QTL. Amylase trypsin inhibitors (ATIs) are important allergens in baker's asthma and suspected triggers of non-celiac wheat sensitivity (NCWS) inducing intestinal and extra-intestinal inflammation. As studies on the expression and genetic architecture of ATI proteins in wheat are lacking, we evaluated 149 European old and modern bread wheat cultivars grown at three different field locations for their content of eight ATI proteins. Large differences in the content and composition of ATIs in the different cultivars were identified ranging from 3.76 pmol for ATI CM2 to 80.4 pmol for ATI 0.19, with up to 2.5-fold variation in CM-type and up to sixfold variation in mono/dimeric ATIs. Generally, heritability estimates were low except for ATI 0.28 and ATI CM2. ATI protein content showed a low correlation with quality traits commonly analyzed in wheat breeding. Similarly, no trends were found regarding ATI content in wheat cultivars originating from numerous countries and decades of breeding history. Genome-wide association mapping revealed a complex genetic architecture built of many small, few medium and two major quantitative trait loci (QTL). The major QTL were located on chromosomes 3B for ATI 0.19-like and 6B for ATI 0.28, explaining 70.6 and 68.7% of the genotypic variance, respectively. Within close physical proximity to the medium and major QTL, we identified eight potential candidate genes on the wheat reference genome encoding structurally related lipid transfer proteins. Consequently, selection and breeding of wheat cultivars with low ATI protein amounts appear difficult requiring other strategies to reduce ATI content in wheat products.


https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/34245321/
9
Minder buikpijn. Minder opgeblazen. En minder winderig. Dat is het gevolg van een FODMAP arm dieet naast een glutenvrij dieet voor sommige coeliakiepatiŽnten met prikkelbare darmen. Niet iedereen is erbij gebaat, het is ook niet eenvoudig om twee diŽten te combineren. Geadviseerd wordt om het onder begeleiding te doen van een gespecialiseerde dietist die bewaakt dat het eetpatroon volwaardig is, en om op den duur voedingsmiddelen met fodmaps weer opnieuw toe te voegen aan het menu (voor zover ze goed gaan).


Adult Celiac Disease with persisting IBS type Symptoms: A Pilot Study of an Adjuvant FODMAP Diet
Nick Trott  Dr Anupam Rej  Sarah Coleman  Professor David Sanders
Gastroenterology and Hepatology from Bed to Bench, , 23 August 2021
https://doi.org/10.22037/ghfbb.v14i4.2282
Published 23 August 2021

Background and Aims

Patients with biopsy proven adult celiac disease (CD) may have on-going gastrointestinal symptoms despite adherence to the gluten-free diet (GFD). Functional gut symptoms including Irritable Bowel Syndrome (IBS) is one cause of persisting symptoms in CD patients. This pilot study assessed the benefit of an adjuvant low FODMAP diet (LFD) in adult CD patients established on GFD who had a normal remission biopsy.


Methods


Twenty-five adult CD patients who were adherent to the GFD were recruited. These patients had histologically normal villi on their remission biopsy. A specialist dietitian then offered an adjuvant LFD. Symptom response was assessed using the Gastrointestinal Symptom Rating Scale (GSRS) from baseline to follow up.


Results


Of the 25 CD patients in remission with concurrent IBS 9 patients did not wish to pursue the LFD, 1 patient had incomplete data. Fifteen patients completed a minimum of four weeks on the LFD (mean age 44 Ī 17.3; median duration of follow-up 7.2 years; range 43.2 years). Global symptom relief of gut symptoms was reported by 8/15 patients (53% P = 0.007). Significant reductions in abdominal pain (P <0.01) distension (P < 0.02) and flatulence (P <0.01) were demonstrated.


Conclusions


This is the first study to demonstrate an adjunct LFD is an effective dietary treatment for concurrent IBS in adult CD patients with biopsy-confirmed remission. Such patients should be seen by a specialist dietitian to ensure nutritional adequacy and appropriate reintroduction of FODMAP containing foods.
10
Medisch / Toch coeliakie?
« Laatste bericht door Bloemetjes Gepost op augustus 28, 2021, 16:30:37  »
Hallo,

Jaren geleden schreef ik hier eens mee, mijn inloggegevens ben ik kwijt dus maar even onder een nieuwe naam.

Nu kamp ik dus al jaren met buikpijn, diarree, vermoeidheid en ferritine te kort enz. De huisarts gooide het altijd op pds en heeft een keer op mijn verzoek bloed laten prikken op antistoffen en ik mocht een colonscopie laten doen.
Hier kwam niets uit, de colonscopie is toen niet goed gegaan omdat ze vanwege pijn maar een klein stukje hebben bekeken. Ook zijn er geen biopten genomen.

Hierna ben ik ongeveer twee jaar lang volledig glutenvrij gaan eten en ik knapte enorm op en vooral heel veel energie er voor terug. Toch kwam de klad hierin omdat je niet een echte diagnose hebt en de huisarts verder onderzoek niet nodig vond.

Inmiddels eet ik nu al drie jaar gluten en mijn klachten zijn allemaal terug maar dan wat erger en dan met name de vermoeidheid.

Nu een paar maanden terug kreeg ik bloed bij de ontlasting. Dit was voor mijn huisarts een reden voor doorverwijzen naar de mdl-arts. Nu twee weken geleden heb ik weer een colonscopie gehad. Deze keer ging het wel goed en zijn ze zelfs een stuk de dunne darm ingegaan.
De dikke darm was prima, maar met het blote oog kon de arts al zien dat er een ontsteking zit in de dunne darm. Dit is later ook bevestigd door de patholoog. (4 biopten)

Gisteren ben ik op gesprek geweest bij de arts en hij dacht aan Coeliakie, tot dat hij zag dat ik al een keer negatief getest was op anti stoffen. Dus ik had geen Coeliakie. Hij zei dat het dan wel pds moest zijn.
Nu moet ik over 6 weken een ontlastingtest doen want dan willen ze kijken of er nog ontstekingswaarden in de ontlasting zitten. Dit omdat in mijn bloed niets te zien is.

Graag jullie visie hier op.
Pagina's: [1] 2 3 ... 10